Timothy Radcliffe – Leven in volheid
Over de schoonheid en de rommeligheid van het mens zijn

Elke spiritualiteit die echt wat voorstelt is lastig en zal je veranderen.

Het christendom is voor veel mensen, mijzelf inbegrepen, een vloek en een zegen. Een vloek omdat ik in de kerk met angst en schuldbesef ben opgezadeld waar ik maar langzaam vanaf kom, een zegen omdat ik er als kind al heb leren proeven van de diepte, de oneindigheid en het wonder van dit leven. Omdat de zegen het toch steeds weer wint van de vloek blijf ik ook inspiratie zoeken en vinden in deze traditie. En zo stuitte ik ook op dit boek van de Engelse dominicaan Timothy Radcliffe. Het christendom, zegt hij, is in wezen één grote uitnodiging om voluit te leven. Nou, dan is mijn interesse gewekt. Radcliffe ziet bondgenoten in romanschrijvers, dichters, filmmakers ‘en iedereen die de schoonheid en de rommeligheid van het menselijk leven begrijpt, of ze nu gelovig zijn of niet’. Schoonheid en rommeligheid, ze komen allebei veelvuldig in dit boek terug

De schoonheid van taal bijvoorbeeld, en hoe belangrijk die is.

De enige manier om je te verzetten tegen de saaie ideologie van het communisme, vond Wojtyla (de latere paus-jk), was door de verbeelding van de Polen te verrijken, door ze mooie woorden te geven. Als de Polen zich weer een stralende wereld konden voorstellen, dan zou de armoedige wereld van het communisme ineenzakken. (P 18)
De heilige Augustinus zegt dat leraren moeten spreken met hilaritas om zo hun leerlingen te inspireren. Hilaritas wordt gewoonlijk vertaald met ‘opgewektheid’ (…). In dit geval is hilaritas echter eerder een soort uitbundigheid, een extatische vreugde. (P 18)
Een ontwakend besef van het transcendente gaat dus gepaard met een bevrijding van onze geest van de trivialisering van onze hedendaagse cultuur, met haar neiging tot reduceren en simplificeren. (P 18)

Verderop schrijft hij over ‘de uitbundige chaos en pijn die het leven met zich meebrengt’, daarover citeert hij de schrijfster Jeanette Winterson:

'Leven met het leven is heel zwaar. Meestal doen we ons best om het leven te smoren – door mak dan wel baldadig te zijn. Door onszelf te verdoven dan wel tot razernij te brengen. Extremen hebben hetzelfde effect: ze isoleren ons van de intensiteit van het leven. En extremen – of het nu om saaiheid of woestheid gaat – zijn heel goed om te voorkomen dat je voelt.' (P 27)

Keer op keer moedigt hij de lezer aan om alles in het leven te omarmen. Dus haalt hij graag de woorden aan van Dag Hammarskjöld:

'Voor alles wat er geweest is, dank u. Voor alles wat nog komen zal, ja.' (P 28)

En hoe doe je dat dan, in volheid leven?

Het enige wat je kunt doen is op weg gaan, zenuwachtig de eerste voorzichtige stap zetten. De rest is in Gods handen. (P 51)

En hij haalt ook Thomas Merton aan die schreef aan een vriend die ontmoedigd was over een weinig succesvolle vredescampagne:

'Maak je niet afhankelijk van de hoop op resultaat. Wanneer je het soort werk doet waar je nu aan bent begonnen, kun je worden geconfronteerd met het feit dat je werk blijkbaar vergeefs is en zelfs helemaal niets oplevert. Als je aan dit idee gewend raakt, begin je je meer en meer te concentreren op de waarde, de juistheid en de waarheid van het werk zelf, en niet op de resultaten.' (P 89)

Wie in volheid wil leven moet ook leren om te vergeven, de ander en zichzelf:

Wat is dan vergeving? Het eerste moment van vergeving is de weigering om wraak te nemen. De geweldsspiraal wordt daarmee doorbroken. (P 125)
Vergeving is een creatieve daad die de kenmerken draagt van Gods kunstenaarstalent. In het vijftiende-eeuwse Japan brak eens iemand een vaas van een generaal. Deze liet het ding repareren, maar was niet tevreden over het resultaat. En dus brak de ambachtsman de vaas opnieuw en lijmde hem dit keer in elkaar met een lak die goud bevatte. Dit werd de kunstvorm kintsugi: ‘verbinden met goud’. Het gebroken object werd mooier dan ooit tevoren. (P 127)
'Om de ander te begrijpen moet je (...) zijn gast worden' (Serge de Beaurecueil)(P 144)
Kijken naar wat mooi is, maakt de geest mooier. (P 146)
Wanneer je eenmaal één bent geworden met je leerlingen en hun taal bent binnengegaan, kun je hen nieuwe woorden aanbieden, een rijkere taal. (P 147)

Dat is een poëtische manier om te zeggen: richt je om te beginnen op contact, door echt te luisteren. Als dat er is, is er een openheid waarin je iets van je eigen overvloed kunt delen. En misschien is die rijkere taal dan wel de taal van de muziek?

We zijn gemaakt voor waarheid zoals een vis gemaakt is voor het water en een vogel voor de lucht. Zonder waarheid verschrompelen we. (P 148)

Radcliffe zegt ook mooie en ware dingen over muziek:

Muziek heeft een woordeloze vertelstructuur die ons voorbij de pijn voert. Verdriet wordt erkend door de muziek, maar die neemt dat verdriet mee in haar golfbeweging en brengt hem als een surfer naar het veilige strand. De orde van de muziek omarmt de wanorde van onze levens met hoop. (P230/231)

Wat is dit een prachtige beschrijving van de troostende werking die muziek kan hebben. We zien in stembevrijdingsactiviteiten die werking steeds weer als iemand de moed vindt om de eigen pijn, het eigen verlies te bezingen, net zo lang als op dat moment gepast is. Het brengt hoop, het brengt nieuwe ruimte.

Op dit punt aangekomen laat Radcliffe de tegendraadse (maar niet onomstreden) filosoof Roger Scruton aan het woord die stelt…

... dat muziek ons aanspreekt doordat ze zich naar een voltooiing beweegt. Dissonanten eindigen en worden overstegen, crises worden overwonnen naarmate de muziek ons meevoert naar een soort besluit.

In de woorden van Scruton zelf:

'Hierdoor komen we in aanraking met iets wat we niet tegenkomen in het dagelijks leven, dat er te chaotisch voor is, namelijk het voltooide gebaar, het gebaar dat zichzelf voltooit vanuit zijn eigen inhoud, dat geen ander doel heeft dan zichzelf en die dat doel ook vervult. Voor veel mensen is dit het centrale mysterie en de grootste beloning van waarachtige muziek, namelijk dat ze ons menselijke handelingen laat zien die zich zelf voleindigen.'

En dan vervolgt Radcliffe:

Muziek onthult iets van een toekomstige plaats van vrede waar conflicten en spanningen zullen zijn opgelost en we de rust zullen vinden waar we zo naar verlangen. (…) Muziek roept de ultieme harmonie op waarin we zullen rusten en stil zijn. (P 231)
In muziek krijgen we even te horen hoe noodzaak en vrijheid met elkaar worden verenigd. Welk lijden ook ons leven overvalt, onze plannen verstoort en misschien zelfs onze dood wordt, het kan worden omarmd. Niet vanuit een soort masochisme, maar als een toegang tot vrijheid, een oproep tot leven. (P 232)

Maar ja, dat alles vergt wel enige moed en bereidheid:

Elke spiritualiteit die echt wat voorstelt is lastig en zal je veranderen. (P 243)
We hebben een leegte in de kern van ons zijn nodig als we de Geest willen ontvangen. (P 248)
De verleiding bestaat om de leegte in je hart te vullen, misschien met eten of drinken, met seks of macht. Sommigen proberen haar te vullen met uren oppervlakkige televisie of het obsessief controleren van e-mail, of ze proberen enorm rijk te worden. (P 249)

Dat is dus steeds de keuze: vervangen we de leegte door veelheid of laten we ons in de leegte openen voor volheid?

Ollekebolleke 1Het ollekebolleke is een versvorm die werd bedacht door Drs. P, van wie ik een groot fan ben. Hij noemde de dichtvorm naar het gelijknamige kinderversje, vanwege het vrijwel identieke metrum ervan. Het schrijven van een ollekebolleke is een leuk (en verslavend) puzzeltje en als je eruit komt is je dag meteen geslaagd. Dit zijn de voorschriften: het gaat om acht regels, in dat vaste wals-achtige ritme, in twee blokjes van ieder 22 lettergrepen. De eerste twee regels van ieder blokje hebben zes lettergrepen, de andere regels zijn vrijer. De vierde en de achtste regel rijmen. De crux zit bij de zesde regel: die bestaat uit één woord. Van zes lettergrepen, met de hoofdklemtoon op de vierde. Bijkomende voorschriften (waar de doctorandus zich overigens zelf niet altijd aan hield): de eerste regel bevat een uitroep, de tweede regel introduceert het onderwerp (hier: de schrijver). Probeer maar eens uit en onthoud: het gaat niet om de prestatie maar om de pret.

Kom, ga op weg, zegt ons
Timothy Radcliffe graag,
Steeds weer op zoek
Naar wat waar is en schoon

Word je bewust van je
Leegtevermijdingsdrang
Leef maar voluit
Zing je prachtigste toon!